Instellingsdeel Onderwijs en Examenregeling voor de masteropleidingen
1. Doel en Context
1. Doel en context
Het Instellingsdeel onderwijs- en examenregeling vormt samen met het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling de Onderwijs- en ExamenRegeling (OER) van de opleiding die is genoemd is in het opleidingsdeel. In de OER staan de rechten en plichten voor zowel student als Windesheim.
Op Windesheim is de OER verdeeld in een Instellingsdeel en een Opleidingsdeel. In het Instellingsdeel staan de kaders, deze zijn voor alle studenten en opleidingen gelijk. Wanneer opleidingen binnen de kaders eigen keuzes mogen maken, staan deze keuzes in het Opleidingsdeel. Iedere opleiding heeft een eigen Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling.
Windesheim kiest ervoor om OER per collegejaar vast te stellen. Dit Instellingsdeel is geldig vanaf 1 september 2022 tot 1 september 2023. Deze keuze is gemaakt om de actualiteit van het onderwijs te borgen. Weliswaar is het curriculum voor de gehele opleiding beschreven, de mogelijkheid bestaat dat – omwille van de actualiteit – volgend jaar een op onderdelen nieuw curriculum wordt vastgesteld.
Windesheim garandeert echter dat, ook bij een dergelijke curriculumwijziging, iedere student een curriculum krijgt waarmee het afsluitend examen behaald kan worden zonder dat er sprake is van significante studievertraging. Ook dat is onderdeel van deze OER tussen de student en de opleiding.
2. Algemene Bepalingen
2. Algemene bepalingen
Artikel 1: Begripsbepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
- Aanmelder: degene die zich bij Studielink heeft aangemeld met de intentie om als student te worden ingeschreven.
- Accreditatie: het keurmerk dat tot uitdrukking brengt dat de kwaliteit van een opleiding positief is beoordeeld
- Assessment: een onderzoek naar de competenties die de student bezit.
- Bacheloropleiding: zie hbo-bacheloropleiding.
- Beroepsvereisten: vereisten die voor de uitoefening van een bepaald beroep op grond van een wettelijk voorschrift worden gesteld.
- CMR: Centrale Medezeggenschapsraad.
- College van Beroep voor de examens (CBE): het College van Beroep voor de Examens dat door het College van Bestuur van Windesheim is ingesteld.
- Colloquium Doctum (of 21+ toets): toelatingsonderzoek wanneer niet aan de vooropleidingseis is voldaan.
- Competentie: het duurzaam vermogen tot handelen in een beroepscontext met waarneembaar resultaat, ter uitvoering van bepaalde verrichtingen in een omschreven beroepsrol.
- CROHO: Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs, waarin de geaccrediteerde opleidingen in het Hoger Onderwijs zijn opgenomen.
- Deeltijdse opleiding: een deeltijdse opleiding is de opleidingsvorm die zodanig is ingericht dat de student naast het onderwijs ook een betaalde werkkring kan hebben.
- Domein: is een samenstel van opleidingen die organisatorisch of qua inhoud bij elkaar horen. Windesheim kent zijn vijf domeinen: Bewegen & Educatie; Business, Media & Recht; Gezondheid & Welzijn; Windesheim Flevoland; Techniek.
- Diplomasupplement: document dat verplicht aan het getuigschrift wordt toegevoegd, waarop de naam van student, de aard, het niveau, de context en de inhoud van de opleiding worden vermeld.
- EVC: eerder of elders verworven competenties.
- Examen: de verzameling van met goed gevolg afgelegde tentamens binnen een opleiding waarmee de masteropleiding wordt afgesloten. Of het examen is behaald wordt door de examencommissie vastgesteld.
- Examencommissie: de commissie die als – belangrijkste – taak heeft om op objectieve en deskundige wijze vast te stellen of de student voldoet aan de eisen die het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling stelt ten aanzien van kennis, vaardigheden en inzicht en of het examen behaald is.
- Examinator: degene die door de examencommissie is aangewezen om tentamens af te nemen en de uitslag van de tentamens vast te stellen.
- Flexibele digitale toets: de toets met open en/of gesloten vragen die door studenten binnen vooraf vastgestelde kaders flexibel kan worden afgelegd wanneer de student zich voor deze toets heeft aangemeld. De toets wordt met behulp van een computerprogramma nagekeken.
- Geschillenadviescommissie (GAC): de door het College van Bestuur ingestelde commissie die het CvB adviseert in geschillen tussen studenten en Windesheim, met name in geschillen met betrekking tot in- en uitschrijving en over (de hoogte van) het collegegeld.
- Hbo-bachelor opleiding: een beroepsopleiding die aansluit op het voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs en is geregistreerd in het CROHO. Zie ook: voltijdopleiding, duale opleiding, deeltijdopleiding.
- Hbo- masteropleiding: een opleiding volgend op een bacheloropleiding.
- Hogeschool: de Christelijke Hogeschool Windesheim.
- Intakeassessment: een portfolio en portfoliogesprek waarin een student met werkervaring na aanmelding of bij de start van de opleiding kan tonen welke leeruitkomsten al zijn verworven.
- Leeruitkomst: beschrijving van wat een student geacht wordt te weten, te begrijpen en te kunnen toepassen na afronding van een leerperiode. Dit kan een leerperiode of leertraject zijn in het onderwijs of een leertraject op het werk of in de vrije tijd (informeel leren).
De Nederlands-Vlaamse accreditatieorganisatie (NVAO) heeft verdere informatie over de wijze waarop deze organisatie de kwaliteit van de gebruikte leeruitkomsten in het kader van de accreditatie bekijkt. Zie hiervoor onder andere NVAO.nl. - Leerwegonafhankelijke toetsing: bij leerwegonafhankelijke toetsing worden de leeruitkomsten beoordeeld onafhankelijk van hoe en waar de student geleerd heeft.
- Minor: samenhangend geheel van vooraf vastgestelde onderwijseenheden of leeruitkomsten. Een minor is 10, 15 of 30 studiepunten groot.
- Onderwijseenheid: een onderwijseenheid bestaande uit een geheel van onderwijsactiviteiten gericht op de verwezenlijking van welomschreven doelstellingen op het gebied van kennis, inzicht en vaardigheden waarover de student dient te beschikken. Onderwijseenheden worden met een tentamen afgesloten.
- Onderwijsovereenkomst: een afspraak tussen de opleiding en de student waarin het studieplan van de student is uitgewerkt. Een onderwijsovereenkomst met een op de student afgestemd studieplan is nodig wanneer van het in Instellingsdeel onderwijs- en examenregeling opgenomen standaardcurriculum wordt afgeweken.
- Opleiding: een samenhangend geheel van onderwijseenheden of eenheden van leeruitkomsten gericht op de verwezenlijking van welomschreven doelstellingen op het gebied van kennis, inzicht en vaardigheden waarover degene die de opleiding voltooit, dient te beschikken; opleidingen worden met een examen afgesloten (artikel 7.3 WHW).
- Profileringsfonds: het door het College van Bestuur ingestelde fonds van waaruit financiële ondersteuning verleend kan worden in de vorm van de toekenning van afstudeersteun en/of bestuurs- en topsportbeurzen
- Profileringsruimte: de ruimte in de leerroute van de student die de student naar eigen keuze kan gebruiken om te verbreden of te verdiepen, op voorwaarde dat de opleiding deze ruimte in het curriculum heeft opgenomen.
- Semester: Windesheim heeft per studiejaar twee semesters van gelijke omvang waarin het voor de graad benodigde onderwijs is georganiseerd. Samen omvatten de semesters 1680 studie-uren, de vakanties niet meegerekend. Het september-semester start op 1 september, het februari-semester start op de eerste maandag in februari. Jaarlijks wordt door het CvB besloten op welke datum de zomerperiode start.
- Student: degene die is ingeschreven aan de hogeschool voor het volgen van onderwijs en het afleggen van de tentamens en de examens van een opleiding.
- Studentbegeleider: de docent die de student begeleidt in zijn studievoortgang en de keuzes die de student hiervoor dient te maken.
- Studentendecaan: de studentendecaan begeleidt studenten in situaties waarin hun belang in het geding is. De studentendecaan is de specialist op het gebied van wet- en regelgeving in het Hoger Onderwijs, opleidingsbeleid, studiefinanciering, financiële problemen, studeren met een functiebeperking en de regelgeving rondom rechten en plichten bij studiestagnatie- of versnelling.
- Studie op afstand: in deze OER wordt met ‘studie op afstand’ enkel gedoeld op het onderwijs dat verzorgd wordt door opleidingen die bij de Gemeenschappelijke studentadministratie (GSA) als opleiding met afstandsonderwijs staan geregistreerd en waar de student zich expliciet voor moet aanmelden.
- Studiejaar: het tijdvak dat aanvangt op 1 september en eindigt op 31 augustus van het daaropvolgende kalenderjaar of, wanneer een student de studie in februari begint, het tijdvak dat aanvangt op 1 februari en eindigt op 31 januari van het daarop volgende kalenderjaar.
- Studiepunt: één studiepunt omvat een studielast van gemiddeld 28 studie-uren (ook European Credit (EC) genoemd).
- Studiewijzer: het document dat voorafgaand aan of onmiddellijk bij aanvang van het onderwijs in de betreffende onderwijseenheid wordt gepubliceerd. De studiewijzer bevat tenminste een omschrijving van de studie-inhoud, de weging van de toetsen voor het tentamen en alle verdere relevante informatie die in de OER is genoemd.
- Tentamen: een onderzoek naar de in de onderwijseenheid onderwezen kennis, vaardigheden en inzicht. Een tentamen wordt altijd afgesloten met een beoordeling door een examinator. Een tentamen bestaat uit één of meerdere toetsen.
- Toets: een toets is een evaluatievorm waarbij de student binnen een vastgestelde tijdsduur en met inachtneming van een vooraf bepaalde deadline een taak uitvoert. De toets kan meerdere vormen hebben en wordt door de examinator met een beoordeling afgesloten.
- Voltijdse opleiding: een voltijdse opleiding is de opleidingsvorm die zodanig is ingericht dat de student in de regel 40 uur per
- WEB: Wet Educatie Beroepsonderwijs.
- Windesheim Toelatingscommissie: de commissie die binnen Windesheim belast is met het onderzoek naar de toelaatbaarheid van studenten indien niet wordt voldaan aan de wettelijke (vooropleidings)eisen.
- WHW: de Wet op het Hoger onderwijs en Wetenschappelijk onderzoek.
- Zomerperiode: de zomerperiode is de periode die volgt op het februari-semester en voortduurt tot de start van het september-semester. Jaarlijks wordt door het CvB besloten wanneer de zomerperiode start.
Artikel 2: Relatie met de wet en overige regelgeving
Dit reglement strekt tot uitvoering van de artikelen in de WHW die betrekking hebben op de Onderwijs- en examenregeling. Dit betreft met name artikel 7.13 van de WHW. Dit Instellingsdeel onderwijs- en examenregeling maakt deel uit van het Instellingsdeel studentenstatuut. Windesheimregelingen waarnaar in de OER wordt verwezen zijn eveneens opgenomen in het Instellingsdeel studentenstatuut.
Flexibilisering deeltijds onderwijs
Het merendeel van de deeltijdse en duale opleidingen nemen deel aan de pilot Flexibilisering deeltijds onderwijs. In deze pilot worden bestaande bepalingen, die betrekking hebben op sturing vanuit een vaststaand onderwijsaanbod gekoppeld aan aantallen uren studielast, losgelaten. Bij de deelnemende opleidingen aan de pilot flexibilisering deeltijdonderwijs zal sturing op leeruitkomsten plaatsvinden. De eindkwalificaties zijn vertaald naar leeruitkomsten die geclusterd zijn in modules van maximaal 30 studiepunten die, gezamenlijk en in samenhang, de student in staat stellen de eindkwalificaties te realiseren. Een module kan bestaan uit een of meerdere eenheden van leeruitkomsten. Aan de eenheden van leeruitkomsten zijn studiepunten gekoppeld waarbij geen sprake is van koppeling aan uren studielast. In de onderwijsovereenkomst spreken de student en de opleiding per semester af welke eenheden van leeruitkomsten in het voor de onderwijsovereenkomst geldende periode aan bod komen, de wijze waarop de student deze leeruitkomsten kan behalen en de wijze van toetsing. Leeruitkomsten worden door middel van leerwegonafhankelijke toetsing aangetoond. Daarbij kunnen met behulp van een intakeassessment leeruitkomsten al worden gevalideerd. Op basis van te realiseren leeruitkomsten kan een diversiteit aan flexibele opleidingstrajecten worden ingericht.
Artikel 3: Openbaarmaking
Deze regeling behoort tot het Opleidingsdeel Studentenstatuut. Het gehele studentenstatuut, zowel het instellingsdeel als het opleidingsdeel, zijn openbaar gemaakt op Sharenet en op windesheim.nl.
Artikel 4: Reikweidte van deze regeling
- Dit Instellingsdeel onderwijs- en examenregeling is van toepassing op studenten die een opleiding volgen bij Windesheim.
- In geval de minister de pilot flexibilisering beëindigt, treedt de hogeschool met de student in overleg en draagt er zorg voor dat de student de opleiding kan afronden.
3. Toelating
3. Toelating
Artikel 5: Toelatingseisen (artikel 7.30b WHW)
- Voor de inschrijving voor een masteropleiding geldt als toelatingseis dat de student:
a. in het bezit is van een graad van een bacheloropleiding of
b. aantoonbaar in het bezit zijn van kennis, inzicht en vaardigheden op het niveau van een Nederlandse Bachelorgraad in het hoger beroepsonderwijs.
De opleidingen hebben de toelatingseisen nader uitgewerkt in het Opleidingsdeel van de onderwijs- en examenregeling. - Indien sprake is van een toelating op grond van lid 1 sub a van dit artikel met een buiten Nederland afgegeven diploma is inschrijving pas mogelijk wanneer de aanmelder bewijs heeft geleverd van een voldoende beheersing van de Nederlandse taal. Aan de eis van voldoende beheersing van de Nederlandse taal wordt voldaan door
a. een certificaat van maximaal twee jaar oud op minimaal Taalniveau C1 of daarmee vergelijkbaar, of
b. een erkend havo- of vwo-certificaat Nederlands. - Wanneer in het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling toelating op grond van lid 1 onder b mogelijk is, vindt het toelatingsonderzoek in twee delen plaats: een algemeen en een opleidingsdeel. De Windesheim Toelatingscommissie beoordeelt het algemene deel en de betreffende opleiding beoordeelt het opleidingsdeel. Beide delen moeten met een positief oordeel afgesloten worden voor toelating op grond van lid 1 onder b.
- Naast de eisen, bedoeld in het eerste lid, kan de opleiding kwalitatieve toelatingseisen vaststellen. Deze eisen worden opgenomen in het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling. De opleiding hanteert ten minste twee kwalitatieve toelatingseisen.
- Aan de toelatingseisen van de leden 1, 2, 3 en 4 moet zijn voldaan voor de aanvang van de opleiding.
Artikel 6: Toelatingsbewijs en inschrijving
- De Windesheim Toelatingscommissie verstrekt de kandidaat een toelatingsbewijs wanneer de kandidaat door middel van een toelatingsassesment, afgenomen door of namens de Windesheim toelatingscommissie, heeft aangetoond dat deze in het bezit is van kennis, inzicht en vaardigheden op het niveau van een bachelorgraad in het hoger beroepsonderwijs.
- Het toelatingsbewijs heeft een geldigheidsduur van drie jaar.
- Inschrijving in de opleiding geschiedt op grond van een toelatingsbewijs, dat op de aanvangsdatum van de opleiding zijn geldigheid niet heeft verloren.
Artikel 7: Werkeis deeltijdse opleidingen (artikel 7.27 WHW)
- Deeltijdse opleidingen kunnen met het oog op de inschrijving eisen aan de werkzaamheden stellen die van toepassing zijn tijdens het volgen van de deeltijdse opleiding.
- Deze deeltijdse opleidingen kunnen de toelating tot de opleiding beperken tot de studenten die bij aanvang van de opleiding aan deze werkeis voldoen.
- De deeltijdse opleidingen hebben de te stellen eisen aan werkkring en de eventuele beperkte toelating op grond van deze eisen aan de werkkring in het Opleidingsdeel van de onderwijs- en examenregeling van de deeltijdse opleiding uitgewerkt.
Artikel 8: EVC4 (artikel 7.13 WHW)
- Indien een Ervaringscertificaat is overgelegd in overeenstemming met de landelijke kwaliteitscode EVC, kan de examencommissie vrijstellingen verlenen.
- De kandidaat wordt schriftelijk van het besluit tot (afwijzing van de) vrijstelling van de examencommissie in kennis gesteld.
- De te volgen procedure en de vereisten voor instemming op het verzoek tot vrijstelling zijn in het Reglement examencommissie van de betreffende examencommissie uitgewerkt. Dit Reglement examencommissies is onderdeel van het Opleidingsdeel studentenstatuut.
Artikel 9: Verwijderd
4. Inrichting van de opleiding
4. Inrichting van de opleiding
Artikel 10: Examens en graden van de opleiding
- De opleiding wordt afgesloten met het afsluitend examen.
- Aan degene die het afsluitend examen van de opleiding heeft behaald, wordt de graad Master verleend met vermelding van de daarbij behorende toevoeging en – indien van toepassing – de door het College van Bestuur vastgestelde vermelding van het vakgebied of het beroepenveld waarop de graad betrekking heeft.
Artikel 11: Studiepunten en studielast per studiejaar
- Elke onderwijseenheid of module wordt uitgedrukt in hele studiepunten. Een studiepunt staat gelijk aan 28 studiebelastingsuren. Bij de deelnemende opleidingen aan de pilot flexibilisering deeltijdonderwijs is de studielast losgekoppeld van de studiepunten.
- Een onderwijseenheid of module omvat ten hoogste 30 studiepunten.
- De studielast van het voltijdse en duale studieprogramma is 30 studiepunten per semester of module. De studielast per jaar van het deeltijdse studieprogramma kan hiervan afwijken. Indien de studielast van het deeltijdse studieprogramma afwijkend is, is deze afwijking opgenomen in het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling van de betreffende deeltijdse opleiding.
- Met uitzondering van het bepaalde in lid 3, laatste volzin, wordt iedere student in beginsel in staat gesteld om 60 studiepunten per studiejaar te behalen. Indien het niet mogelijk is voor de opleiding om 60 studiepunten aan te bieden, gelet op het tijdstip van inschrijving, dan wel gelet op de eerder geleverde studieprestaties van de student, worden er met de betrokken student op schrift gestelde afspraken gemaakt om tot een studeerbaar onderwijsprogramma te komen.
Artikel 12: Profileringsruimte
- De opleiding kan ervoor kiezen om een profileringsruimte in het curriculum op te nemen. Alleen in dat geval is dit artikel van toepassing.
- De opleiding bepaalt de omvang van de profileringsruimte.
- Met de profileringsruimte kan de student zijn opleiding verbreden of verdiepen. Studenten zijn vrij in hun keuze voor de invulling van de profileringsruimte.
- Voor de invulling van de profileringsruimte is voorafgaande toestemming vereist van examencommissie.
Artikel 13: onderwijsverdeling per studiejaar
- Windesheim verdeelt het aanbod van onderwijs in twee semesters en een zomerperiode.
- Het aanbod per semester is verdeeld over onderwijseenheden of over modules.
- Modules zijn clusters van met elkaar samenhangende eenheden. Het onderwijs in de modules is geordend aan de hand van leeruitkomsten.
- Studenten die in februari met hun opleiding starten, beginnen met het februari-semester.
- Het onderwijs waarmee de student de bij de opleiding behorende graad kan behalen, wordt in zijn geheel in de twee semesters van gelijke omvang geprogrammeerd. De zomerperiode kan, met inachtneming van het bepaalde in lid 6, gebruikt worden voor versnelling, een inhaalslag of verbreding.
- Opleidingen kunnen besluiten om de zomerperiode te gebruiken voor extra afrondingsmogelijkheden voor bepaalde onderwijseenheden of om die juist in deze periode in digitale vorm aan te bieden. Deze zijn in het opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling van de opleiding opgenomen.
Artikel 14: Nederlandse taal (artikel 7.2 WHW)
- Het onderwijs in de onderwijseenheden of modules van de opleiding wordt in de nederlandse taal gegeven. De tentamens en examens worden in de Nederlandse taal afgenomen.
- Onderwijs kan ook in een andere taal worden aangeboden. De criteria hiertoe zijn opgenomen in de gedragscode voertaal onderwijs.
5. Studiebegeleiding
5. Studiebegeleiding (artikel 7.34 lid 1 onder e WHW)
Artikel 15: Studiebegeleiding
- Studiebegeleiding bestaat minimaal uit:
a. Algemene studiebegeleiding.
b. Bijzondere studiebegeleiding. - Op verzoek van de student biedt de opleiding eveneens begeleiding aan bij het maken van keuzes tijdens de opleiding.
Artikel 16: Algemene studiebegeleiding
- De algemene studiebegeleiding bestaat uit begeleidingsvormen die gericht zijn op de studievoortgang en het welbevinden van de student.
- De algemene studiebegeleiding bestaat uit:
a. De studentbegeleiding door de studentbegeleider;
b. De diensten van het studiesuccescentrum, waaronder: de studentbegeleiding door de studentendecaan en de studentbegeleiding door de studentenpsycholoog. - De studiebegeleiding bij leerwegonafhankelijke toetsing voor opleidingen die vallen onder de pilot flexibilisering deeltijdonderwijs is als volgt:
a. De studentbegeleider en de student maken afspraken over de invulling van het opleidingstraject: welke leeruitkomsten de student gaat realiseren, welke leeractiviteiten daarvoor worden uitgevoerd, hoe de student wordt begeleid en op welke wijze de realisatie van de beoogde leeruitkomsten wordt beoordeeld. De afspraken worden neergelegd in een onderwijsovereenkomst. De studentbegeleider houdt de onderwijsovereenkomst voor ogen bij de begeleiding.
b. De studentbegeleider begeleidt de student bij het intakeassessment: de studentbegeleider begeleidt de student bij het samenstellen van het portfolio en bespreekt de rapportage van het intakeassessment met de student.
Artikel 17: Bijzondere studiebegeleiding
- Een student kan een verzoek indienen om in de gelegenheid te worden gesteld om op een aangepaste wijze deel te nemen aan het onderwijs of de tentamens. Deze mogelijkheid wordt geboden aan:
a. studenten met een lichamelijke, zintuiglijke of andere functiestoornis of functiebeperking. Hierbij wordt het Uitvoeringsreglement studenten met een functiebeperking (SMF) in acht genomen.
b. studenten in een Nederlandstalige opleiding met een niet-Nederlandse vooropleiding en/of studenten met een gebleken achterstand in de Nederlandse taal.
c. studenten die behoren tot een etnische of culturele minderheid waarvan de deelname in het hoger onderwijs in betekenende mate achterblijft bij de deelname van Nederlanders die niet behoren tot een dergelijke minderheid.
d. studenten met één van de Topsportstatussen conform de Regeling Profileringsfonds.
e. studenten met een topondernemersstatus conform de Topondernemersregeling.
- De student die gebruik wil maken van een voorziening als bedoeld in lid 1, moet hiertoe een schriftelijk en gemotiveerd verzoek indienen, tenzij dit al eerder in een overeenkomst met de student is vastgelegd. De intake hiertoe start bij de studentendecanen. Een dergelijk verzoek kan betrekking hebben op het onderwijs of de tentamens in het algemeen, maar het kan ook één of meer specifieke onderwijseenheden en/of tentamens betreffen.
- De student dient vervolgens het verzoek in bij de examencommissie wanneer het gaat om aanpassing van het onderwijsprogramma en de toetsen en tentamens en bij de directeur wanneer het gaat om het verstrekken van materiële faciliteiten en overige faciliteiten in de onderwijsvoorzieningen, waarbij inbegrepen de begeleiding van de student bij het plannen van zijn studie.
- De beslissing wordt, indien het bijzondere begeleiding als genoemd onder 1 lid a t/m c betreft, genomen met inachtneming van het Uitvoeringsreglement Studeren met een functiebeperking. De beslissing op grond van lid 1d wordt genomen met inachtneming van de Regeling Profileringsfonds. De beslissing op grond van lid 1e wordt genomen met inachtneming van de Topondernemersregeling.
- De beslissing wordt schriftelijk medegedeeld aan de student en voor zover nodig aan de betrokken SMF-contactpersoon binnen de opleiding, de betrokken docenten en/of examinator(en).
- Alle regelingen die in dit artikel zijn genoemd, zijn in het Studentenstatuut opgenomen.
6. Toetsen, tentamens en examens
6. Toetsen, tentamens en examens*
* Artikel 7.13 lid 2 WHW
Artikel 18: Afleggen van toetsen en tentamens
- Elk tentamen kan enkel worden afgelegd indien aan de in het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling opgenomen ingangseisen voor de betreffende onderwijseenheid is voldaan.
- Om deel te kunnen nemen aan het tentamen is inschrijven op de toetsen verplicht. Het instellingsbestuur kan, in overleg met het opleidingsmanagement, besluiten dat in afwijking hiervan de student moet intekenen voor een onderwijseenheid of een module om deel te kunnen nemen aan de toetsing van deze onderwijseenheid of module. Na intekening voor een onderwijseenheid of een module is de student automatisch aangemeld voor de bijbehorende toetsen.
- Elk tentamen en elke toets binnen het tentamen kan maximaal tweemaal per studiejaar worden afgelegd.
- De opleiding kan het met goed gevolg hebben afgelegd van bepaalde tentamens als voorwaarde stellen voor deelname aan onderwijs wanneer bepaalde kennis, vaardigheden of inzicht essentieel zijn voor het volgen van dit onderwijs.
- In bijzondere gevallen kan voorafgaand aan het studiejaar worden bepaald dat het tentamen voor een onderwijseenheid maar één maal per jaar kan worden afgelegd. Deze onderwijseenheden zijn in het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling opgenomen.
- Tenzij de opleiding in het opleidingsdeel OER een andere regeling voor een derde kans heeft uitgewerkt, kan de student uiterlijk 30 juni bij de opleiding een derde tentamenkans voor het lopende studiejaar aanvragen wanneer:
a. de student maximaal 15 studiepunten van het masterprogramma nog niet behaald heeft en daarbij niet meer dan drie onderwijseenheden nog niet behaald heeft;
b. of wanneer meer dan 15 studiepunten nog niet behaald zijn en er is nog één onderwijseenheid niet behaald,
c. en de student heeft aantoonbaar de in lid 3 of lid 4 vastgestelde aantal tentamenkansen benut. - Onverlet het bepaalde in lid 5 kan de student de examencommissie verzoeken wegens bijzondere omstandigheden hem een extra tentamenkans toe te kennen of toe te staan dat het tentamen op een andere wijze wordt afgelegd dan aangegeven bij de desbetreffende onderwijseenheid. De wijze waarop de student hierom kan verzoeken is verder uitgewerkt in het Reglement Examencommissie. De examencommissie wint zo nodig deskundig advies in alvorens te beslissen.
- Groepsgewijs afgenomen toetsen zijn zodanig ingericht dat door de examinator een individuele beoordeling kan worden gegeven.
- Een toets of tentamen dat met voldoende resultaat is afgelegd, kan niet opnieuw worden afgelegd.
- Domeinen hebben de procedure met betrekking tot het afnemen van toetsen vastgelegd in de Regels Tentaminering. Deze regels zijn in het Opleidingsdeel Studentenstatuut opgenomen.
- Het intellectueel eigendom van de toetsvragen en toetsopdrachten behoort toe aan Windesheim, het intellectueel eigendom op de door de student opgestelde toetsantwoorden en ontwikkelde toetsresultaten behoort toe aan de student.
- Bij de opleidingen die deelnemen aan de pilot flexibilisering deeltijdonderwijs kan de student met relevante werkervaring na aanmelding en aan het begin van het opleidingstraject via een intakeassessment reeds verworven leeruitkomsten aantonen. Nadat de validering met een voldaan is beoordeeld worden de studiepunten na inschrijving toegekend. Het intakeassessment bestaat over het algemeen uit een beoordeling van een portfolio (verzameling van bewijslast van leeruitkomsten) en een portfoliogesprek via een criteriumgericht interview.
Artikel 19: Tentamen en toetsen*
* Artikel 7.13 lid 2 onder l WHW
- Een tentamen bestaat uit één of meerdere toetsen.
- Wanneer een tentamen bestaat uit meerdere toetsen,
a. wordt in het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling bij de beschrijving van de onderwijseenheden aangegeven uit welke toetsen het tentamen bestaat en of het mogelijk is dat de toets flexibel getoetst en herkanst worden,
b. en in de betreffende studiewijzer wordt de weging benoemd van deze toetsen voor het tentamen. - Een toets bestaat uit één van de volgende toetsvormen of een combinatie ervan:
a. een toets met open en/of gesloten vragen;
b. een productopdracht;
c. een vaardigheidsopdracht;
d. een mondelinge toets. - In het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling van de opleiding wordt bij de beschrijving van de toets(en) aangegeven welke toetsvorm of combinatie van toetsvormen word(t)(en) gebruikt.
- De datum waarop de laatste toets van het tentamen is afgelegd dan wel waarop deze laatste toets moet worden ingeleverd, wordt als tentamendatum geregistreerd.
- De leeruitkomsten van flexibele opleidingstrajecten van de opleidingen die vallen onder de pilot flexibilisering deeltijdonderwijs worden leerwegonafhankelijk getoetst.
a. Leerwegonafhankelijke toetsing kan behalve uit (een combinatie van) de in lid 3 genoemde vormen ook bestaan uit een portfolioassessment en/of een voortgangstoets.
b. De opleiding kan naast de leerwegonafhankelijke toets ook kiezen voor het aanbieden van een leerwegafhankelijke toets. - Een portfolioassessment als genoemd in lid 6 is een toetsvorm waarbij de student zijn leeruitkomsten aantoont aan de hand van bewijzen in een portfolio, zoals beroepsproducten en ervaringsverslagen. Een portfolioassessment toetst of de student in kenmerkende en kritische beroepscontexten professioneel handelt volgens het vereiste gedrag, met een juiste toepassing van theoretische inzichten en op het gewenste niveau. In het opleidingsdeel OER van de opleidingen die vallen onder de pilot flexibilisering deeltijdonderwijs worden de inhoud en de criteria waaraan het portfolioassessment moet voldoen nader uitgewerkt.
- Een voortgangstoets als genoemd in lid 6 is een formatieve d.w.z. ontwikkelingsgerichte toets die een student helpt keuzes te maken voor het te volgen individuele opleidingstraject op basis van nog te realiseren leeruitkomsten. In het opleidingsdeel OER van de opleidingen die vallen onder de pilot flexibilisering deeltijdonderwijs worden de inhoud en de toepassing van de voortgangstoets nader uitgewerkt.
- In de Regels tentaminering is het begrip ‘fraude’ gedefinieerd. De examencommissie is bevoegd om bij fraude een strafmaatregel op te leggen. Dit is verder uitgewerkt in het Reglement Examencommissie. In de Regeling In- en uitschrijving staat uitgewerkt wanneer fraude kan leiden tot uitschrijving van de student.
Artikel 20: Toets met open en/of gesloten vragen
- Dit artikel is van toepassing wanneer de toets geheel of ten dele bestaat uit open en/of gesloten vragen.
- Een toets die bestaat uit open en/of gesloten vragen wordt op een vooraf aangegeven tijdstip op een vooraf aangegeven ruimte onder toezicht van surveillanten afgenomen. Deze toets kan schriftelijk of digitaal worden afgenomen.
- De toets wordt bij voorkeur binnen twee weken na afloop van de onderwijseenheid afgenomen. Herkansingen worden in hetzelfde semester afgenomen als waarin de onderwijseenheid is verzorgd of worden afgenomen aan de start van het volgende semester / van de zomerperiode.
- De procedure aanmelding voor de toetsing en herkansing van flexibel afgenomen, digitale toetsen zijn uitgewerkt in de Regels tentaminering.
- De opleiding geeft in het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling voor welke onderwijseenheden de student kan kiezen voor het moment van toetsing, voor deze onderwijseenheden moet de student zich zowel voor de toetsing als de herkansing aanmelden. Voor de overige onderwijseenheden worden studenten automatisch aangemeld voor deelname aan de toetsing en voor de herkansingen hiervan.
- De procedure voor het afmelden van toetsen of afmelden van onderwijseenheden bij de toets, waarvoor aanmelding verplicht is, is te lezen in de Regels tentaminering.
- Tenzij in de Regels tentaminering een afwijkende procedure is vastgelegd, wordt een toets die gemaakt is niet nagekeken wanneer de student zich voor deze toets had moeten aanmelden, dan wel zich had moeten aanmelden voor de onderwijseenheid of module die met deze toets wordt afgesloten, maar dat niet heeft gedaan.
- Wanneer de student een toets thuis mag maken, zijn de voorschriften voor aanmelding, in- en aanlevering van deze thuis gemaakte toets opgenomen in de studiewijzer van de betreffende onderwijseenheid.
Artikel 21: Product- en vaardigheidsopdracht als toets
- Dit artikel is van toepassing wanneer de toets geheel of ten dele bestaat uit een productopdracht of een vaardigheidsopdracht.
- De voorschriften voor het in- en aanleveren van de product- en/of vaardigheidsopdrachten staan in de studiewijzer van de betreffende onderwijseenheid.
- De door de student aangeleverde producten en documenten bij een product- en/of vaardigheidsopdracht kunnen worden gecontroleerd op een juiste wijze van bronvermelding, eventueel met behulp van een plagiaatchecker. Het kopiëren van andermans werk zonder bronvermelding is een vorm van fraude.
Artikel 22: Mondelinge toets
- Dit artikel is van toepassing wanneer de toets geheel of ten dele bestaat uit een mondelinge toets.
- Bij een mondelinge toets wordt niet meer dan één persoon tegelijk getoetst. De opleiding kan hier gemotiveerd van afwijken.
- De mondelinge toets is openbaar. De examencommissie kan, al dan niet op verzoek van de student, anders bepalen.
- De voorschriften voor de afname van de mondelinge toets staan in de studiewijzer van de onderwijseenheid.
- Een mondelinge toets wordt afgelegd in aanwezigheid van twee of meer examinatoren, tenzij de opleiding besluit dat de toets wordt afgenomen door één examinator. Wanneer een mondeling toets wordt afgenomen door één examinator, wordt de afname van de toets vastgelegd op een mediadrager. Zes weken nadat het cijfer definitief gemaakt is, wordt de opname conform AVG vernietigd. Wanneer de student beroep aantekent tegen de beoordeling wordt de opname vernietigd zes weken nadat de uitspraak in beroep of hoger beroep is vastgesteld.
- Wanneer de afname van de mondelinge toets niet op een mediadrager wordt vastgelegd, wordt de beoordeling van de toets onmiddellijk na afloop van de toets vastgesteld en bekendgemaakt.
- De datum waarop de mondelinge toets is afgelegd wordt geregistreerd als toetsdatum.
Artikel 23: Vrijstelling voor toets of tentamen*
*Artikel 7.12b lid 1 onder d WHW
- Een student kan de examencommissie verzoeken vrijstelling te geven voor het afleggen van een of meer toetsen of tentamens die deel uitmaken van het examen van de student. De student dient aan te tonen dat hij op grond van elders in het hoger onderwijs behaalde tentamens of examens, dan wel op grond van buiten het hoger onderwijs opgedane kennis of vaardigheden, voldoet aan het/de leerdoel(en) of leeruitkomsten van deze toets of dit tentamen van de desbetreffende onderwijseenheid.
- De van toepassing zijnde regels voor het aanvragen van een vrijstelling zijn opgenomen in het Reglement examencommissie. De regels voor het meetellen van vrijstellingen en/of elders behaalde waarderingen in de berekening ten behoeve van het predicaat cum laude zijn opgenomen in het Reglement Cum laude Windesheim.
- Een vrijstelling voor buiten het hoger onderwijs opgedane kennis of vaardigheden wordt in de studievoortgangregistratie als lettercombinatie ‘vr’ verwerkt.
- Voor een vrijstelling op grond van een elders in het hoger onderwijs behaald tentamen wordt in de studievoortgangsregistratie zowel het resultaat van het elders behaalde tentamen als de lettercombinatie ‘vr’ in de studievoortgangsregistratie verwerkt.
Artikel 24: Beoordelingen
- Tenzij in het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling anders is vastgelegd, moet ieder tentamen van een examen met goed gevolg worden afgelegd.
- Bij de beoordeling van de tentamens worden de volgende normeringen gehanteerd:
a. een cijferbeoordeling, bestaande uit een getal tussen 1,0 en 10,0 met 1 cijfer achter de komma.
b. een woordbeoordeling bestaande uit een:
- zeer slecht / very poor
- slecht / poor
- zeer onvoldoende / very insufficient
- onvoldoende / insufficient
- bijna voldoende / almost sufficient
- voldoende / sufficient
- ruim voldoende / satisfactory
- goed / good
- zeer goed / very good
- uitmuntend / excellent
c. een ontwikkeldomein, bestaande uit:
- Ontwikkelingsniveau 1 = beginnend / novice
- Ontwikkelingsniveau 2 = gevorderd / advanced
- Ontwikkelingsniveau 3 = startbekwaam / qualified
- Ontwikkelingsniveau 4 = expert / Expert
d. een oordeel V, NV = Voldaan / Pass, Niet Voldaan / Fail
e. een beoordeling vr = vrijstelling / exemption
f. een beoordeling Evr = vrijstelling op grond van ervaringscertificaten / exemption based on an assessment of prior learning
g. de constatering na = niet aanwezig tijdens de toetsing zonder geldige afmelding of niets ingeleverd voor toetsing zonder geldige reden/no-show for test without valid cancellation or not submitted for test without valid reason
h. de vermelding ng = niet geldig, deze vermelding wordt ingevoerd op last van de examencommissie /not valid, entry added by order of the examination board - De Masters Special Education Needs (Master SEN) en Learning & Innovation (MLI) kennen daarnaast de volgende beoordelingsschaal: Voor het beoordelen van producten wordt de vierpuntschaal o, v, g en u (onvoldoende, voldoende, goed, uitmuntend) gehanteerd.
- Nadat een cijfer in het studievolgsysteem op definitief is gezet, kan het opleidingsmanagement - na een zorgvuldige belangenafweging waarbij alle omstandigheden van het geval zijn meegenomen - binnen een redelijke termijn een tentamen ongeldig verklaren, zowel voor een individuele student als voor alle aan deze toets deelnemende studenten. De examencommissie wijst één of meerdere examinatoren aan voor de herbeoordeling of verstrekt de opdracht de toets op zo kort mogelijke termijn opnieuw aan te bieden. De examencommissie wijst één of meerdere examinatoren aan voor een herbeoordeling of verstrekt de opdracht de toets op zo kort mogelijke termijn opnieuw aan te bieden.
Artikel 25: Toetsuitslag en tentamencijfer
- De voorlopige uitslag van de toetsen wordt binnen drie weken na de toetsdatum door de examinator vastgesteld en bekend gemaakt. Uiterlijk twee weken na de inzage als bedoeld in artikel 26, wordt de definitieve uitslag vastgesteld en bekend gemaakt.
- De student heeft digitaal toegang tot zijn studievoortganglijst, waarop de uitslag van elk door hem afgelegd toets en tentamen is opgenomen. Met de toekenning van een toetsuitslag wordt de student geïnformeerd over het recht op inzage zoals bedoeld in artikel 26 van deze regeling, alsmede op de mogelijkheid tegen de beoordeling van tentamens beroep in te stellen bij het College van beroep voor de examens.
- Wanneer een student het niet eens is met een beslissing van een examinator kan de student tegen deze beslissing beroep aantekenen bij het College van Beroep voor de Examens. De te volgen procedure is in het Reglement College van beroep voor de examens opgenomen. Deze maakt deel uit van het Instellingsdeel studentenstatuut.
Artikel 26: Inzage beoordeeld werk*
* Artikel 7.13 lid 2 onder p WHW
- Binnen een periode van maximaal twee weken na de voorlopige toetsuitslag heeft de student recht op inzage van zijn beoordeeld werk. De inzage of de kennisneming geschiedt op een van te voren bekendgemaakte locatie en op tenminste één van te voren bekendgemaakt tijdstip. Tijdens deze inzage wordt de student die aan het tentamen heeft deelgenomen de mogelijkheid gegeven kennis te nemen van de vragen en opdrachten van het desbetreffende tentamen, van de beoordelingsnormen en van de door de examinator gegeven beoordeling en feedback.
- In afwijking van lid 1 kan de examencommissie bepalen dat de inzage op verzoek van de student op een ander tijdstip plaatsvindt dan het tijdstip als genoemd in lid.
- De examencommissie heeft de wijze waarop dit verzocht kan worden, alsmede de criteria voor toekenning van dit verzoek, in het Reglement examencommissie opgenomen.
Artikel 27: Geldigheidsduur tentamens en vrijstellingen
- Tentamenbeoordelingen en vrijstellingen vervallen wanneer de in de betreffende onderwijseenheden onderwezen kennis, vaardigheden en inzichten wezenlijk verouderd zijn, maar niet eerder dan na vier jaar na de tentamendatum.
- Jaarlijks publiceert de opleiding voorafgaand aan het studiejaar welke onderwijseenheden aantoonbaar verouderd zijn en waarom. Na afloop van dit studiejaar vervallen de tentamenbeoordelingen en vrijstellingen van deze onderwijseenheden automatisch.
- Tegen de beslissing van de domeindirecteur om beoordelingen van onderwijseenheden te laten vervallen omdat de geldigheidsduur ervan verstreken is, kan de student beroep aantekenen bij de examencommissie van de eigen opleiding, al dan niet met een beroep op bijzondere omstandigheden.
- Een eerder gegeven tentamenbeoordeling of vrijstelling blijft geldig wanneer de student naar het oordeel van de examencommissie kan aantonen dat zijn kennis, vaardigheden en inzichten behorende bij deze onderwijseenheid actueel zijn gehouden.
- Bij positieve beslissing van de examencommissie wordt de geldigheidsduur met twee jaar verlengd, gerekend vanaf de datum waarop de beslissing is genomen. Na het verstrijken van deze periode kan de student opnieuw aantonen zijn kennis, vaardigheden en inzichten behorende bij deze onderwijseenheid actueel zijn gehouden.
Artikel 28: Examen*
* Artikel 7.12 lid 2 WHW
- De examencommissie stelt in vergadering bijeen de uitslag van het examen vast. Hiertoe onderzoekt de examencommissie of de student voldoet aan de voorwaarden die het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling stelt ten aanzien van kennis, inzicht en vaardigheden die nodig zijn voor de bij de opleiding behorende graad. De examencommissie kan hiertoe een door of namens haarzelf te verrichten onderzoek uitvoeren.
- In het Reglement examencommissie is de wijze vastgelegd waarop de examencommissie uitvoering geeft aan het bepaalde in lid 1.
Artikel 29: Cum Laude
Het toekennen van cum laude door de examencommissie is uitgewerkt in het Reglement Cum laude Windesheim. Dit reglement maakt deel uit van het Instellingsdeel studentenstatuut.
7. Examencommissie
7. Examencommissie
Artikel 30: Taken examencommissie*
* Artikel 7.12 en 7.12b WHW
- De examencommissie is het orgaan dat op objectieve en deskundige wijze vaststelt of een student voldoet aan de voorwaarden die het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling stelt ten aanzien van kennis, inzicht en vaardigheden die nodig zijn voor het verkrijgen van een graad.
- Naast het bepaalde in lid 1 heeft de examencommissie de volgende taken en bevoegdheden:
a. het borgen van de kwaliteit van de toetsen en tentamens,
b. het aanwijzen van examinatoren die toetsen en tentamens afnemen en de uitslag daarvan vaststellen,
c. het borgen van de praktijktoetsen bij werkplekleren en leerwegonafhankelijke toetsen,
d. het borgen van een correcte organisatie en coördinatie van de toetsen en tentamens van de opleiding(en),
e. het verlenen van vrijstelling voor het afleggen van één of meer tentamens. - De examencommissie heeft verder tot taak het vaststellen van richtlijnen en aanwijzingen voor door de examencommissie aangewezen examinatoren binnen het kader van deze Onderwijs- en examenregeling, om de uitslag van toetsen, tentamens en examens te beoordelen en vast te stellen. Deze richtlijnen en aanwijzingen zijn te vinden in het Reglement examencommissie.
- Het Reglement examencommissie bevat, naast hetgeen genoemd in lid 3, in elk geval bepalingen omtrent:
a. het verlenen van vrijstellingen;
b. fraude;
c. het beleid met betrekking tot de goedkeuring van (de inhoud van) een te volgen profileringsruimte;
d. de onderwijsovereenkomst. - Het Reglement examencommissie maakt deel uit van het Opleidingsdeel studentenstatuut.
Artikel 31: Getuigschriften en verklaringen*
* Artikel 7.11 WHW
- Ten bewijze dat het examen met goed gevolg is afgelegd, wordt door de examencommissie een getuigschrift uitgereikt.
- Het getuigschrift vermeldt in ieder geval de opleiding waarin het examen is afgelegd, de onderdelen van het examen en de graad die met het getuigschrift door het instellingsbestuur is verleend.
- De datum van de in artikel 28 lid 1 bedoelde vergadering is de examendatum die op het getuigschrift wordt vermeld.
- Het getuigschrift wordt door de examencommissie uitgereikt nadat het instellingsbestuur heeft verklaard dat de student op het moment van het examen
a. als student stond ingeschreven;
b. aan al zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan;
c. aan de overige bij wet gestelde vereisten heeft voldaan. - De examencommissie voegt aan een getuigschrift van het met goed gevolg afgelegde afsluitend examen, een supplement toe. Het supplement is opgesteld in de Engelse taal.
- De examencommissie reikt op verzoek van de student een verklaring uit in de gevallen dat een student meer dan een tentamen met goed gevolg heeft afgelegd, maar aan hem geen getuigschrift kan worden uitgereikt.
- De examencommissie kan regels van procedurele aard vaststellen ten aanzien van de uitreiking van getuigschriften en verklaringen, deze zijn in dat geval opgenomen in het Reglement examencommissie.
8. Tot slot
8. Tot slot
Artikel 32: Beroep*
* Artikel 7.60 en verder WHW
Tegen besluiten op grond van deze regeling genomen staat beroep open bij het College van beroep voor de examens Windesheim. Het reglement van het College van beroep voor de examens Windesheim is opgenomen in het Instellingsdeel studentenstatuut.
Artikel 33: Wijziging van het onderwijsprogramma
Wanneer onderwijseenheden niet langer in het onderwijsprogramma zijn opgenomen, staat in hoofdstuk 9.3 van het Opleidingsdeel onderwijs- en examenregeling uitgewerkt of, onder welke voorwaarden en op welke wijze studenten deze onderwijseenheden alsnog kunnen afronden. Met dien verstande dat de toets of het tentamen van deze onderwijseenheden in het studiejaar waarin deze onderwijseenheden voor het eerst niet meer in het onderwijsprogramma zijn opgenomen, nog tweemaal wordt afgenomen.
Artikel 34: Slot- en overgangsbepalingen
In de gevallen waarin dit Instellingsdeel onderwijs- en examenregeling niet voorziet, beslist het College van Bestuur.
Artikel 35: Inwerkingtreding en citeertitel
- Deze regeling treedt in werking op 1 september 2022 en loopt tot 1 september 2023.
- Dit Besluit 2021-040 Instellingsdeel onderwijs- en examenregeling masteropleidingen 2022-2023 is door het College van Bestuur op 3 februari 2022 vastgesteld, na instemming van de Centrale Medezeggenschapsraad op 27 januari 2022.
- Deze regeling kan geciteerd worden als het Instellingsdeel onderwijs- en examenregeling masteropleidingen 2022-2023.
Neem contact met ons op
-
Bel0900 - 8899
-
Mailinfo@windesheim.nl
-
Bereikbaarheid
Op werkdagen tussen 09.00 en 17.00 uur